Toelichting Carrousel

Voorbereiding

Plan een datum en tijd voor een (online of offline) bijeenkomst. Het is handig om minimaal 1,5 uur de tijd hebben om één vraagstuk/dilemma uit te diepen.

Zorg voor de juiste techniek en ondersteuning

Is jullie overleg offline of online? Zorg ervoor dat deze online vragencarrousel via één centraal scherm zichtbaar is voor alle deelnemers (bv. via de functie scherm delen bij online vergaderen of een ruimte met een groot beeld bij een offlinebijeenkomst). De vragencarrousel ondersteunt jullie.

Kies aan het begin van de bijeenkomst een procesbegeleider

De procesbegeleider let op het proces en de tijd. Ook geeft hij/zij een toelichting op de te doorlopen stappen. De procesbegeleider neemt niet deel aan het gesprek.

Start met belangrijke uitgangspunten

De procesbegeleider bespreekt de volgende uitgangspunten:

  • We volgen een gestructureerd stappenplan/proces.
  • Wat hier besproken wordt blijft tussen ons.
  • We luisteren om te begrijpen, niet om te reageren.
  • We stellen open vragen zonder te oordelen.
  • We stellen oplossingen en adviezen zo lang mogelijk uit.
  • Iedereen krijgt evenveel ruimte om iets in te brengen.
  • We zijn samen verantwoordelijk voor een proces waarin we elkaar versterken. 

Sluit samen af met de vraag of er nog aanvullende afspraken nodig zijn voor een succesvolle bijeenkomst.

Formuleer de vraag (10 minuten)

Als start van de bijeenkomst denken alle deelnemers eerst kort individueel na over een mogelijk
vraagstuk wat actueel, onopgelost is en binnen eigen invloedsfeer ligt. Deelnemers kunnen natuurlijk ook van tevoren hierover nadenken. Kies samen met welk vraagstuk jullie aan de slag gaan.

Voorbeeldvragen ter inspiratie:

  • Op welke manier kan ik beter omgaan met werkdruk?
  • Hoe kan ik mijn mening beter over laten komen?
  • Hoe kan ik het belang van de afdeling en mijn eigen doelen beter op elkaar afstemmen?
  • Hoe kan ik zorgen voor meer overzicht en rust in mijn werk?

Aan de slag (40 minuten)

Met de online vragencarrousel gaan jullie stap voor stap vragen stellen aan de inbrenger van het
vraagstuk. Ga niet in gesprek over de gegeven antwoorden. Luister en observeer, maak aantekeningen.

  1. Start de vragencarrousel en begin met vragen over Nu.  Stel een aantal van de vragen
    uit deze categorie aan de inbrenger.
  2. Ga vervolgens naar Toekomst en laat de inbrenger weer enkele vragen uit de categorie
    Toekomst beantwoorden.
  3. Ga vervolgens naar Blokkades. Laat de carrousel weer draaien en stel de vragen aan de inbrenger.
  4. Sluit af met de categorie: Hulpbronnen.  

Neem per categorie minimaal 3 vragen en maximaal 10 minuten de tijd. Als een vraag niet ‘klopt’ voor dit moment, aarzel niet en ga snel door naar een andere vraag. Uiteraard kun je ook zelf vragen formuleren en stellen. Probeer hierbij wel de vragen te relateren aan Nu, Toekomst, Blokkades en Hulpbronnen en ze in deze volgorde te stellen.

Groepsreflectie (10 minuten)

Kijk met afstand terug op wat jullie gehoord, gezien en ervaren hebben. De inbrenger van het vraagstuk doet niet mee aan dit gesprek. Ga samen kort in gesprek met behulp van de volgende vragen:

  • Welke kwaliteit laat inbrenger zien of juist niet zien in dit vraagstuk?
  • Wat vond je een opvallend moment in deze intervisie?
  • Wanneer werd in dit gesprek de kern geraakt volgens jou?
  • Wat heb je ervaren en gezien, wat zegt je gevoel?
  • Wat gun je de inbrenger?
  • Welk compliment wil je de inbrenger geven?

De inbrenger vertelt na het gesprek van de luisteraars aan de groep wat hem/haar is opgevallen aan dit gesprek.

Afsluiting (10 minuten)

Er volgt een kort rondje adviezen en/of oplossingsrichtingen van luisteraars: “Als ik jou was zou ik…” De inbrenger heeft het laatste woord en deelt tenslotte zijn of haar inzicht(en) en/of actie(s).